‘Juf’ Tineke met haar kleinkinderen. Foto aangeleverd

Ik ben geboren in Bandung (Indonesië). In 1953 vertrok het gezin naar Nederland. Ik ben opgegroeid in Amsterdam, waar ik na de Middelbare school naar de Kweekschool ging. (Nu: PABO).
Na de Kweekschool had ik het verlangen om terug te gaan naar Indonesië en daar in een weeshuis te werken. Na een voorbereiding van twee jaar, inclusief taalstudie, liep het toch anders en moest ik in Nederland een baan zoeken.

Wat zal het worden?
Als christen geloof ik dat God je wil leiden in het nemen van beslissingen, maar dat valt niet altijd mee. Het was inmiddels februari 1971, de maand dat ik zou vertrekken. Ik besloot op een rustige plek een week de tijd te nemen voor gebed om Gods wil te zoeken. Kort nadat ik thuis was, werd ik gebeld door Jan Veninga uit Andijk. Hij zocht een onderwijzeres. Op dat moment was het of een stem in mij zei: ”Dit is de plek die Ik voor je heb.” Een uniek en bijzonder moment.

Waar ligt Andijk?
Hoe kwam Jan Veninga aan mijn naam en waar ligt Andijk? Die link waren Lou en Gea Gorter. Lou Gorter, die een drukkerij had, moest in februari naar Amsterdam voor zaken. Hij besloot nog even langs te gaan bij kennissen die hij kende van een vakantie in Ede waar ik (toeval?) het kinderwerk deed. Daar hoorde hij mijn naam noemen en dat ik een baan zocht. Daarmee ging hij naar zijn vriend Jan Veninga.

Woning
Ik kreeg te horen dat ik in een kosthuis zou komen, maar toen ik benoemd was, hoorde ik dat er een plek was in het Groene Kruisgebouw (Nu: Vrolijk Verzekeringen). Het was een dienstwoning, waar zuster Groot al jaren woonde. Zij wilde graag verhuizen, maar kreeg daar steeds geen toestemming voor. Was het toeval dat in de week dat ik benoemd werd, in een vergadering van het Groene Kruisbestuur, besloten werd dat zuster Groot een eigen plekje mocht gaan zoeken en dat iemand in de vergadering wist dat er een onderwijzeres was benoemd, die huisvesting zocht?

Dankbaarheid
Op 12 maart 1971, op mijn 21e verjaardag, kreeg ik een telefoontje van Jan Veninga dat ik benoemd was als onderwijzeres in Andijk. Dit jaar 50 jaar geleden. Een moment om met dankbaarheid terug te kijken. Een moment om herinneringen op te halen.


Op de trouwdag was er een erehaag van kinderen.

Kuijperschool
De oude Kuijperschool aan de Dijkweg, waar ik begon, staat er niet meer. Ik had fijne collega’s. Zomaar een paar namen: juf Hofstra, meester Volkers, meester Sieling, meester Bolt, meest Veenstra en meester Veninga. Toen juf Hofstra wegging, was ik de enige onderwijzeres op school!

Cultuur en taal
“Ik ben mijn koeter kwijt,”Ik heb in het boetje gespeeld,” of “Ik ben te warskip weest.” Ik had geen idee waar ze het over hadden. Vrijdagmiddag een kind speelde mime, de klas mocht raden.Ze zat achter mijn bureau en leek iets te pakken en legde het vervolgens weer weg. Alle vingers gingen de lucht in, maar ik had geen idee. Bollenpellen! Tijdens het verhaal over de toren van Babel en de spraakverwarring, vertelde ik dat de ene man tegen de andere zei: ”Geef die steen aan”. De ander begreep hem niet. Gaat een vinger de lucht in: “Hij moet ook zeggen: “Geef die stien aan”. Bord ‘rode kool te koop’. Ik bel aan en vraag om een pond rode kool. Als de vrouw terugkomt met een kooltje, vraag ik: “Heeft u het niet gesneden?”
Wat zullen ze gelachen hebben.

Nooit gedacht
Toen ik hier als 21 jarige kwam, had ik nooit kunnen denken dat ik hier 50 jaar later nog zou zijn. Getrouwd met een West-Friese bollenkweker, Jan Groot. We kregen 7 kinderen en inmiddels hebben we 22 kleinkinderen, waarvan één in de hemel. Alle kinderen hebben op de Kuijperschool gezeten en op dit moment zitten er 12 kleinkinderen op. Stiekem ben ik nog een beetje juf, als ik kleinkinderen hier thuis met schoolwerk mag helpen. Eens een juf, altijd een juf!