vrijdag 21 juni 2024
spot_img

Meneer Gutter schreef – voor de jeugd – over de oorlog

“Die 1e mei is de geschiedenis ingegaan als één der zwartste bladzijden in de Andijker historie. Want vlakbij Zwaag werd een groep van 5 Andijker mannen aangehouden door een afdeling van de landwacht. Bij een onderzoek bleek, dat één van de jongens in het bezit was van een lege patroonhouder. Ze werden gearresteerd. Vier werden meegenomen. Slechts de vijfde heeft weten te ontsnappen. Een paar uur later is het viertal voor het Raadhuis van Zwaag gefusilleerd. Hun leven is afgebroken door een stel op moord beluste naziknechten. Bijna aan het einde van de oorlog.”

Een fragment uit het boekje.
Scan en foto’s: D. Spijker

Bovenstaande is maar een klein deel van het verhaal dat meneer Wim Gutter ter ere van ‘25 jaar bevrijding’ over de oorlog opschreef, als een soort naslagwerk voor de jeugd van Andijk. Dit gebeurde in samenspraak met het Oranje Comité. Het boekje op A5 formaat telde maar liefst 47 pagina’s en naast de tekst maakte Gutter ook de tekeningen zelf. Ook nu nog kan meneer flink vertellen over die bijzondere tijd: het einde van een oorlog en de bevrijding.

Rouw in plaats van bevrijdingsvreugde
“Joost Smink, Jan Kort, Ruurd en Gosse Dijkstra hebben de bevrijding niet meer mogen beleven. Dat wij hier op ons rustige Andijk nog eens zoiets zouden beleven, had niemand meer verwacht. Zelden zal hier een rouwdienst zijn geweest, die aangrijpender was, dan op de 4e mei.” Nog klinkt de verbazing in zijn stem als hij vertelt over het nieuws van de bevrijding: “Waar de vlaggen en de wimpels vandaan kwamen, snapte je niet. In de oorlog mocht je ze niet in huis hebben, maar aan alle huizen wapperde weer de nationale driekleur. Ik zie ze nog hossen en springen op de avond van de 5e mei op het plein van de Kuijperschool.” Meneer Gutter vertelt verder: “Boven op de dijk brandde een vreugdevuur van alle mogelijke rommel. Al het gehate zwarte verduisteringspapier werd erop gegooid. Midden op de brandstapel stond Hitler, gemaakt van latten en bekleed met zwart papier, toen die langzaam omviel en z’n kop, waar wat knalgoed in zat, met grote klappen uit elkaar barstte ging er gejoel op uit de monden van de aanwezige menigte.”

Canadezen – kort na de bevrijding.

Verrassingen
Op verschillende plaatsen in Andijk werd echt wittebrood uit Zweden uitgereikt. Moeder sneed het brood, het rook zo lekker en het zag heel mooi wit. We aten het zomaar op, zonder boter of beleg en vonden het toen nog lekkerder dan nu het lekkerste gebakje. Iedere dag had weer een nieuwe verrassing. Soldatenbiskwie’s en legerchocola bijvoorbeeld. Chocola hadden we ook al vijf jaar lang niet meer gezien. Daar waren we heel zuinig mee. En hele reep voor jezelf, ‘t was niet te geloven. Ook wat nieuws, vrouwen achter het stuur! Dat kon volgens ons nooit goed gaan. Maar toen even later die meisjes repen begonnen uit te delen, maakte dat voor ons de zaak natuurlijk al heel anders.” De echte bevrijdingsfeesten werden pas in september gevierd. Pas toen was alles weer een beetje normaal geworden, de mensen konden weer wat reizen en er was weer zo het één en ander te krijgen. Er is op Andijk toen drie dagen lang feest gevierd. Toen is er ook een gedenksteen onthuld voor onze plaatsgenoten en de piloten, die in de oorlog omgekomen waren.

Gemeentehuis – schavot.

Wedstrijden in ringsteken en veel meer
“Op het feestterrein vóór van Dokkum werden wedstrijden gehouden voor de schooljeugd. Ook waren er volksspelen voor de ouderen. Het enthousiasme om mee te mogen doen was groot. Ook was er een optocht. Wagens, waarop het illegaal luisteren naar Radio Oranje werd uitgebeeld of herrijzend Nederland werd uitgebeeld, een ieder kon z’n fantasie naar hartenlust uitleven. In de optocht reed ook mee een wagen waarop een gaarkeuken werd uitgebeeld en wagen nr. 37 beeldde de schuur van K.Tensen Kz. aan de Kleingouw uit, waar mensen die hier voedsel verzamelden de nacht konden door brengen. Tenslotte werd aan het eind van die drie lange dagen nog een vuurwerk afgestoken. Zo’n feest als toen is er na die tijd niet meer geweest. Het was een reactie op vijf jaar onderdrukking, angst, vervolging en spanning.” Bijzonder zijn de foto’s die bewaard zijn gebleven zoals die van tijdens de feesten. Voor het oude gemeentehuis op de Kleingouw een komische voorstelling opgevoerd. In januari 1945 is het bevolkingsregister uit het gemeentehuis gestolen en nu werden de daders symbolisch opgehangen. Voor het schavot staan de kisten waarin het bevolkingsregister is vervoerd.

Zicht op ‘t Buurtje.

Monument namens de onderduikers
“Als dank voor alles wat hier voor hen is gedaan, hebben de onderduikers de gemeente Andijk een monument aangeboden. Het kreeg een plaats in het hart van ons dorp. De woorden die erop staan zijn maar weinig. Er is geen veelheid van dure woorden gebruikt voor iets wat de Andijkers in de oorlogsjaren haast vanzelfsprekend vonden. De woorden van Jesaja spreken voor zichzelf: “Verberg de verdrevene en vermeld de omzwervenden niet!”

Nawoord
Het boekje sluit af met de volgende woorden: “In dit boekje is lang niet alles verteld. Dat is ook niet nodig. Maar ik hoop dat jullie nu allemaal wel zult begrijpen wat het betekent, als de meest zinloze ellende, die oorlog heet, zich van de mensheid meester maakt. Vrijheid is één van de meest waardevolle dingen in het leven. Laten we dankbaar zijn voor die vrijheid en hopen dat we nog heel lang als vrije Andijkers mogen leven.”

Waarom schreef Meneer Gutter over de bevrijding

Wim Gutter (1934) was bij het uitbreken van de oorlog een jongetje van 7 jaar. Hij had enorme interesse voor vliegtuigen. De nachtvluchten in de Andijker lucht vond hij schitterend. “Als jongetje van 7 jaar oud was het vooral spannend en had je de angst niet, die de volwassenen wél hadden,” vertelt Wim over die tijd. “Het vliegtuig dat werd neergehaald en hier vlakbij neerstortte kwam vlak over ons huis en zag ik bij de Hoekweg neergaan, gevolgd door een grote vuurbal. Die keer maakte ik me wel zorgen dat hij bijvoorbeeld op ons huis zou storten. Maar de meeste tijd vonden wij ‘kleintjes’ het vooral één groot avontuur’.”

Van de oorlog weet Wim nog goed dat hij met zijn vriendjes ‘de straat opging’. Binnen had moeder het netjes en aan kant. “Jullie jongens maken het toch maar vies, ga maar buiten spelen!” riep zij meer dan eens. Er werd gespeeld bij de Slibbert en vaak was er wel een voetbal mee weet Wim nog.

Aangrijpende taferelen
“Aan de deur kwamen soms mensen om een paar piepers en een paar bieten. Zij kwamen op de fiets, of wat daarvoor door moest gaan, vanuit bijvoorbeeld Amsterdam. Helemaal blauw van de kou vroeg mijn moeder ze dan binnen om zich bij de kachel wat te warmen. Daar konden we ons geen voorstelling van maken, het was een aangrijpend tafereel, ook voor ons kleintjes.”

Verhalen verzamelen
De geschiedenis die Wim zelf had meegemaakt, het was spannend en afgrijselijk tegelijkertijd. “Nooit meer!” Maar zijn interesse was gewekt door de vele verhalen, de dingen die hij zelf had gezien en de zaken waar hij andere over hoorde praten. Voor zichzelf verzamelde hij die verhalen, van gewone mensen en van ‘Hotemetoten’. Toen kwam het jaar waarin 25 jaar bevrijding werd herdacht. “Het Oranje Comité had het idee opgevat een boekje te laten maken over de oorlogstijd op Andijk en vooral de bevrijding. Daarvoor zochten ze iemand die veel verhalen kende en zodoende kwamen ze bij mij. Het was een zeer mooie opdracht, tijdrovend en waardevol. Het was lastig om van al die losse verhalen één lopend geheel te maken. Maar het is een mooi werkje geworden, dat de Andijker kinderen van de hoogste groepen van de basisschool allemaal heeft gekregen. Een mooi naslagwerk, met verhalen van en over de oorlog.”

ADVERTEREN
in de Andijker?

klik hier voor INFO

Meest gelezen laatste 7 dagen