De familie Mellema uit Opperdoes, achter de dijk. Alfred van Dokkum is de 3e van links. Foto aangeleverd.

Zestig jaar van Andijk en dan toch weer terugkomen. Vaak wordt gezegd dat je niet meer naar je geboorteplaats moet terugkeren, omdat je toch niet meer vind wat je daar vroeger beleefde. Andijkers die je goed hebt gekend zijn verhuisd of liggen op het kerkhof. Toch de stap gedaan om in plan Mantelhof Andijk opnieuw te beleven.

Alfred van Dokkum. Foto aangeleverd.

En na een kleine twee jaar op Andijk moet ik bekennen dat me het leven hier voor de volle 100 procent is meegevallen. De mensen zijn in mijn herinnering nog steeds vriendelijk en behulpzaam. Het elkaar groeten op straat tijdens een wandeling is hartverwarmend. Die vriendelijkheid is in andere plaatsen vaak ver te zoeken.

Mijn prille jeugd bracht ik door aan de Dijkweg, toen nog nummer 172. Mijn vader, Jan van Dokkum, was woninginrichter en bij hem kon je alles kopen op het gebied van vloerbedekking, gordijnen etc. Ook het repareren en stofferen van stoelen en het opnieuw vullen van matrassen, was bij hem in goede handen. De laatste jaren voor zijn overlijden in 2010, werd hij regelmatig door de pers benaderd over de tijd dat hij als soldaat tijdens de oorlogsdagen in Kornwerderzand diende. Als een van de laatsten kon hij het heldenverhaal tot in alle details vertellen. Hij kwam dan ook regelmatig in het Kazemattenmuseum op de Afsluitdijk.

Nooit zal ik m’n lagere schooltijd vergeten. Op de dr. A. Kuyperschool aan de Dijkweg. Vaak liepen we achter de dijk over de zeestenen van en naar school. Dat ging razend snel. Bang om te vallen was je niet. Vorig jaar dook er een foto op met de familie Mellema uit Opperdoes aan het water dicht bij de splitsing met de Middenweg. Het jochie in het midden, dat ben ik.

Eind vorige eeuw hebben we met een aantal klasgenoten uit de vijfde/zesde klas nog een reunie georganiseerd. Zeer geslaagd. Vele herinneringen opgehaald in het nabij zijn van onder meer meester Marsman en handwerkjuffrouw Groot.

Als dreumes wist ik het al, het zeegat uit, schipperman worden. Dat verlangen naar zee kwam zeker niet uit de lucht vallen. Mijn grootvader, Albert van Dokkum, manufacturier met een winkeltje op de hoek Kleingouw-Middenweg, werd op Urk geboren en mijn vader heeft ook altijd een grote voorliefde voor de zee gehad. Omdat zijn vader hem nodig had in de zaak, moest hij helaas afzien van een carriere op zee.

Op mijn 17e ben ik voor het eerst gaan varen als lichtmatroos op de coaster Wodan. Daar ontmoette ik Kapitein Smit die in Opperdoes/Twisk woonde. Ruim een jaar later naar de Zeevaartschool in Amsterdam. Met een Batavus bromfiets, gekocht van Douwe Wierstra, elke morgen om half zeven richting Bovenkarspel om daar de trein richting Amsterdam te nemen.
Tijdens mijn studie beleefden we in Nederland een van de koudste winters, 1962/1963. Afzien op de brommer. Herinner me nog dat ik op een zaterdag met de brommer over het ijs naar Urk ben gereden. Aan een touwtje achter mij, schaatsend, Fokke Bakker, zoon van Jaap Bakker van bakker Bouwhuis. Had thuis niets verteld over deze tocht, dus mijn ouders flink ongerust. Maar ook wel een beetje trots denk ik tegelijkertijd.

Na vele jaren op zee, afgewisseld door studies, gevaren als stuurman en later als kapitein op heel veel schepen. Begin 70-er jaren zelfs op mammoettankers van 350 meter lang en 21 meter diepgang in geladen toestand. Best spannend om met deze reuzen te manoeuvreren en onze positie op zee vast te stellen met een sextant.

Heb op Andijk nog veel familie wonen. Zuster Annet (getrouwd met Hans Mantel) en broer Meindert (getrouwd met Netty) wonen nog altijd aan het Hornpad. Daarnaast nog vele neven en nichten die nooit van Andijk zijn gegaan. Daarom voelt het voor mij in zekere zin vertrouwd om hier weer te wonen.

Op mijn 75ste verjaardag heb ik mijn zeemansuniform definitief in de kast gehangen. Genoeg water gezien. De laatste jaren voer ik als kapitein op kleine, snelle schepen naar windmolenparken om daar technische mensen en materiaal af te zetten. Vaak met veel wind en zee.

In de tachtiger jaren heb ik een flinke periode aan de wal gezeten. Woonde toen met mijn vrouw en drie kinderen in Brielle. Heb daar een Public Relations bureau opgezet en was onder meer ook gemeenteraadslid. Dat heb ik 16 jaar met veel liefde gedaan.

Alfred van Dokkum