Daar lig je dan, in je kraambed. te genieten van een wolk van een baby, te herstellen van een keizersnede. De kraamverpleegster vraagt of we witlof uit de oven lusten, want dan zet zij alvast het avondeten klaar. “Ja, heerlijk,” roep je blij. Je verwacht een pan aardappels en in de oven gekookte witof rolletjes met ham en kaas, maar treft iets geels aan, onder een krokante laag. Het ruikt heerlijk. We laten het ons smaken en vragen het recept. Het blijkt een super simpel gerecht te zijn! Nog een reden om dit te onthouden.

Inmiddels zijn de baby’s 20 en 16 jaar en staat het gerecht nog regelmatig op tafel. Wiltof zoals zuster Marlène ons voorschotelde. Te lekker om niet te delen.

Het recept: Snij kipfilet in kleine blokjes en bak ze gaar in de koekenpan, kruid de kip met kerriepoeder en een beetje peper en zout. Kies voor kant en klare aardappelschijfjes of maak zelf aardappelpuree, dat is je eigen voorkeur. Wij kiezen voor een grove puree. Het originele recept had aardappelschijfjes! Vergeet niet om een snufje nootmuskaat toe te voegen.
Snij het bittere hart uit de witlofstronken en snij de witlof fijn. De witlof wassen en goed droog ‘slaan’ in een theedoek. De witlof roerbakken in dezelfde pan als de kip (zodra die gaar is kan het erbij).
Nu bouwen in laagjes. Onderin de ovenschaal een laagje aardappel(puree), dan witlof met kip, dan afdekken met een laag aardappel(puree). Bovenop komt een laagje paneermeel met druppels boter en geraspte kaas. Dit wordt een heerlijk krokant korstje. Omdat alles al gaar is, hoeft het alleen maar in de oven om een korstje te krijgen.

Ca. 200 graden een minuut of 20 is meestal voldoende. Afgedekt met aluminium folie kun je het er gerust twee keer zo lang in laten staan (bijvoorbeeld als sporters later moeten eten!)

Deel jij ook een lekker recept met verhaal met de redactie?
Mail (met een foto) naar: info@andijker.nl.